Digitale technologieën spelen een steeds grotere rol op de werkvloer. Werkgevers maken steeds vaker gebruik van algoritmen en draagbare technologieën (zoals smartwatches of andere wearables) om werk te organiseren, prestaties op te volgen en werknemers te ondersteunen in hun gezondheid en welzijn.
Voorstanders zien deze technologieën als een manier om medewerkers gezonder, gelukkiger en productiever te maken. Tegelijk roept deze ontwikkeling belangrijke vragen op. Wat betekent het wanneer technologie niet alleen ons werk organiseert, maar ook ideeën beïnvloedt over wat een "goede" of "gezonde" werknemer is? Wie bepaalt wat welzijn op het werk betekent? En hoe ervaren werknemers deze nieuwe verwachtingen?
Dit doctoraatsproject onderzoekt vanuit kritische theorieën hoe nieuwe technologieën de toekomst van werk en welzijn mee vormgeven. We bestuderen zowel de manier waarop technologiebedrijven en organisaties deze innovaties voorstellen, hoe dit nieuwe, uitsluitende normen rond welzijn creëert, als hoe werknemers hier zelf naar kijken en ermee omgaan.
Een bijzonder onderdeel van het project is het gebruik van een theaterstuk als onderzoeksinstrument. Via dit theaterstuk brengen we mogelijke toekomstscenario’s rond technologie, werk en welzijn tot leven en gaan we in gesprek met werknemers over hun verwachtingen, zorgen en ervaringen.
Het project bevindt zich op het kruispunt van organisatieonderzoek, kritische theorie, technologie, arbeid en welzijn, en biedt een unieke kans om bij te dragen aan actuele maatschappelijke debatten over de toekomst van werk.
Dit doctoraatsproject hanteert een kwalitatieve, kritisch analytische benadering die:
- werknemerswelzijn beschouwt als een structureel geproduceerd fenomeen en niet als een extern gegeven;
- het discours rond algoritmisch management en draagbare technologieën analyseert als praktijken die een nieuwe vorm van ‘ideaal werknemerswelzijn’ voortbrengen;
- onderzoekt hoe dergelijke nieuwe vorm van ‘ideaal werknemerswelzijn’ bepaalde groepen mensen systematisch uitsluit;
- ruimte opent voor herformulering van het discours rond digitale technologieën die zich nog in volle ontwikkeling bevinden, door aandacht te schenken aan hoe deze normen worden ervaren, betwist en opnieuw vormgegeven in de praktijk.
Het project heeft een looptijd van vier jaar, te rekenen vanaf de datum van aanstelling.